Onverwacht succes (door Mark Vermeer)

In 2018 promoveerde CSV naar de tweede klasse KNSB. Het was de apotheose van een wederopstanding die in 2012 was begonnen met een telefoontje van Roel Trimp naar mij: dat hij weer ging schaken bij CSV, dat ooit een jaar Hoofdklasse had gespeeld, maar sindsdien alle voormalige talenten had zien vertrekken, en inmiddels troosteloos ergens laag in de RSB competitie speelde.

Het was een kampioenschap dat te voorzien was. Het jaar ervoor hadden we het op miraculeuze wijze gemist, maar ons team was dermate sterk dat we allemaal wisten dat het er dat jaar van moest komen.

Helaas voltrok zich daarna een mini-versie van de uittocht die eerder al tot verval van de club had geleid: in diverse etappes vertrokken sindsdien Stefan Tabak, Hans Hoornstra, Ka Chun Lui en Richard Ammerlaan weer. Ook Léon verloor zijn enthousiasme. Zelfs teamleider Hans Blokland vond het mooi geweest.

Al snel belandden we weer “gewoon” in de derde klasse, maar ook daar kregen we het moeilijk, en alleen Corona redde ons van een verdere afdaling. Maar datzelfde Corona bracht CSV, net als meerdere schaakverenigingen, ook nieuw elan. Het ledenaantal groeide weer, en na een aantal maanden gedwongen onthouding nam ook het enthousiasme bij de oudgedienden voor een fysiek potje schaak weer toe.

Niettemin zag ik het als teamleider dit seizoen somber in, toen ik voor de eerste ronde tegen het sterke Overschie met alle thuisisolaties en QR-codes slechts met grote moeite acht spelers kon organiseren. Tot mijn verbazing wonnen we die wedstrijd min of meer moeiteloos, onder meer door sterk optreden van invallers als Hans Koedam en Rob Docter, maar ook van onze kersverse basisspelers Derk Brus en Jessica Derksen-Harmsen. Een mooie opsteker in de strijd tegen degradatie, zo dacht ik toen.

Mijn verwondering steeg met elke wedstrijd die we bleven winnen. Krap tegen Erasmus (door het telefoonincident), ruim tegen Voorschoten en LSG. Alleen onderbroken door een nipte nederlaag in het verre Souburg. En toen we na de remise tegen Charlois ineens koploper Sliedrecht in het zicht kregen, begonnen we er echt plezier in te krijgen.  Dat plezier maakte dat we de sleutelwedstrijd tegen datzelfde Sliedrecht ruim wonnen, en nadien ook van RSR.

En zo konden we op 21 mei in de wegens (alweer) Corona uitgestelde ronde zomaar weer kampioen worden. Zoals meer finales verdiende deze pot niet de schoonheidsprijs. Wij waren ineens gespannen, en nummer laatst(!) DSC3 had zijn sportieve plicht wel heel serieus opgevat door het sterkste team van het seizoen op te stellen.

Maar we wonnen wel! FM Léon Koster is weer de kopman van weleer, en won soepel. Hetzelfde gold voor de man van het telefoontje, Roel Trimp. Ikzelf, topscorer WIM Jessica, routinier Reinoud Segers en redder in nood Hans Koedam namen geen risico en hielden de boel dicht. Supersub Jan-Peter Bogers had geen superdag en verloor (maar hij was er wel gewoon weer toen vaste kracht Thomas Herrewijn en Derk zich moesten afmelden).

En zo stond het 4-3 toen good old Ton Dulk op mij afkwam. “Ja hoor, je mag remise”, zei ik alvast blij. “Mag ik ook doorspelen?” vroeg hij. Het leven van een teamleider gaat niet over rozen. Maar dit seizoen kwam alles goed: Ton won soepel, en zo waren we ineens weer kampioen van de derde klasse KNSB. Met een ander team dan in 2018. Minder sterk misschien, maar wel veel beter geworteld in de vereniging, met veel spelers die ook in de interne competitie spelen.

En dat is misschien wel het mooiste aan dit jaar: CSV bloeit weer volop, met een volle interne competitie en met een eerste RSB team, onder aanvoering van terugkeerders Paul Schrama en Mark Trimp, dat ook kampioen werd en volgend jaar in de RSB Hoofdklasse speelt. Wie weet trekt dat nog een paar sterke spelers aan die ons kunnen helpen om ons volgend jaar wél in de tweede klasse te handhaven. En zo niet, dan weet ik zeker dat we toch weer veel plezier gaan hebben. Tot volgend jaar!

Deel dit bericht

Geef een antwoord